De Kennisinvesteringsagenda stelt als algemeen doel:
Het ontplooien en benutten van het aanwezige talent.
Het uitdagen van mensen om hun talenten te ontwikkelen.
Dat onderwijs moet uitdagen tot excellentie.
In de uitwerking wordt echter tot nu toe voorbijgegaan aan investeringen in de jeugd van 12 – 21 jaar. Transport Safety Institute en de Kamer van Koophandel Nederland menen dat het mogelijk is, om ook in Nederland een systeem te ontwikkelen waarin de jeugd op gestructureerde wijze tot innovatieve projecten geïnspireerd kan worden. Een dergelijk duurzaam opgezet systeem, naar voorbeeld van het Duitse Jugend Forscht zal de ontwikkeling van toptalent en onderzoekers stimuleren. Professionaliteit en continuïteit zijn daarbij sleutelwoorden. Het (bewezen) resultaat is een toenemende belangstelling voor natuurwetenschappelijke studies (aanvullend aan wat nu Platform Bètatechniek doet), en een toegenomen blijvende toestroom van jonge onderzoekers naar universiteiten, instituties en bedrijven. Daar zit immers een knelpunt voor onze toekomst.
Anders dan veelal gedacht wordt is in Nederland een dergelijk geïntegreerd programma niet aanwezig.
DHV steunt van harte het initiatief van het innovatieplatform om een investeringsplan aan te bieden aan het kabinet. Wij pleiten ervoor als Innovatieplatform met name te focussen op het het verhogen van de maatschappelijke uitkomst op langere termijn. Als internationaal opererend kennisintensief bedrijf, dat actief is in duurzame oplossingen rond water, energie en ruimte, willen vanuit dit perspectief een reactie geven.
DHV ziet de economische crisis als een grote kans om nieuwe dwarsverbanden te leggen die op zowel geld als een aanzienlijke milieuwinst opleveren. Een voorbeeld hiervan is het sluiten van kringlopen van water, energie en afval op het niveau van gebouwen, wijken of bedrijfsterreinen, zoals bij groen gas. Een ander voorbeeld is het combineren van windmolens met een stopcontact voor elektrische auto’s bij een nieuw dorp. Via een windenergiecoöperatie waaraan de bewoners deelnemen zijn ze tot in lengte van jaren verzekerd van groene energie voor een goede prijs. De overheid moet steun verlenen aan het uitwerken van de nieuwe (collectieve) organisatievormen, die nodig zijn om dit soort initiatieven op grote schaal mogelijk te maken. Belangrijk hierbij is duidelijkheid en zekerheid rond overheidsambities en regelgeving op de lange termijn. Dit werkt sterk faciliterend en stimulerend om in de praktijk tot innovaties te komen.
Green paper is OK voor mij.
Zij het dat ik naast de opgesomde lijst van noodzakelijke ontwikkelingen graag aandacht vraag voor het organiseren van al die gewenste activiteiten. Voor Sociale Innovatie derhalve.
Aan de Rotterdam School of Management (RSM, Erasmus uni) is een theorie onderbouwd dat binnen de NL bedrijvigheid een succesvolle innovatie voor 25% komt door R&D en voor 75% door sociale innovatie (het organiseren van het innovatieve proces). Het is de taak van het bestuur en management om te zorgen dat de innovateurs op en top tot hun recht komen. Innoveren vergt daarom veel van de innovatuers én van het bestuur en management.
In de green paper zie ik nergens aandacht voor het bestuur en management.
Het ministerie van VWS heeft op basis RSM onderzoek in de sector van medische producten (mn genees- en hulpmiddelen) een Sociale Innovatie traject 'Meer rendement uit R&D' opgezet. Uit het onderzoek is ook een set indicatoren gekomen die van belang is voor succes van innoveren.
VWS wil met dit traject de waarde van het goed organiseren in de markt zetten.
De set indicatoren kan in veel andere sectoren ook dienst doen, zonodig aangepast.
Internationaal samenwerken op alle niveau’s; personen, groepen, organisaties en samenleving. Duurzaam investeren in kennisinfrastructuur; services voor kennisuitwisseling in de wijk. Publieke voorzieningen voor ontmoeting en kennis delen. Hoogopgeleide zzp’ers in de wijk dragen zo nog meer bij aan de economisch dynamiek.
Vraagsturing! Betrek de bevolking actief bij de ontwikkeling. Wegen hebben we genoeg. Belang van behoud natuur neemt toe, omdat werkende mensen tegenwoordig bewegen naar plekken waar ze willen zijn.
Beste Frans, Ik ben bang dat je helemaal gelijk hebt!
Met 30 jaar innovatieve bagage bij multinationale en internationale ondernemingen, begon ik 15 jaar geleden als zelfstandig consultant. Redelijk succesvol, want ik leef nog, maar met toch steeds een onevenredige hoge last aan evangelisatiewerk en acquisitie.
Vooral het MKB bespaart liever op consultants dan met consultants. Sterke nog: "consultants bashing" is een soort volkssport...Een hapje eten met collegae om ideeen op te doen vindt men vaak al heel wat.
Frans Duurland (FWDmove) schreef:
Over het ombuigen van de handelsmentaliteit: elders op dit forum schreef ik al dat de innovatieparadox laat zien dat er in Nederland domweg te weinig vraag naar kennis is. Dat komt omdat veel ondernemingen niet kunnen of durven te innoveren. Het handelen gaat ze nog net iets te goed af.
Het IP lijkt de innovatieparadox te willen doorbreken door vooral het aanbod van kennis te stimuleren en door de kennismarkt te faciliteren. Maar als er te weinig vraag is helpt dat natuurlijk niet, dat weet iedere econoom.
We moeten er dus voor zorgen dat er een innovatiementaliteit komt, ook binnen gevestigde bedrijven. Dat moeten we niet verwarren met ondernemerschap, als we allemaal ondernemer waren liep het slecht met NL af. Ondernemers hebben ook medewerkers nodig. Die paar jonge mensen met ondernemerspotentie moeten we vooral koesteren en opleiden tot toppers. De rest moet er vooral voor gaan zorgen dat gevestigde bedrijven en organisaties innovatiever worden.
Zorg dat de jonge generaties doordrongen raken van het belang van een visie op innoveren, het verschil weten tussen waarde creëren en waarde toevoegen en dat ze gevoel krijgen voor de waarden en principes die bij innovativiteit horen. Dan komt de vraag naar kennis vanzelf.
Hi Anne, Het enige in jouw stukje waar ik problemen mee heb is het veelvuldig gebruik van het woord "peiler" in plaats van "pijler", vooral omdat het niemand meer schijnt op te vallen. Misschien moet ik er maar aan wennen.... Verder denk ik dat je een verdraaid interessante job hebt die kan leiden tot een betere kwaliteit van leven door een indringende, maar veelal onopvallende, synthese van kunstmatige en natuurlijke intelligentie. Goede ambitie dus! Succes!
Innovatiecampussen is een goed idee. Daar kan men leren wat innovatie echt kan zijn. Maar dan moeten we wel eerst ons aangeleerd onvermogen leren kennen om complex te denken. In het buitenland wordt herkend dat complexiteit de sleutel van innovatie is. Dat geldt echter (nog) niet voor Nederland. We zullen de noodzaak moeten onderkennen om uit ons eigen gesloten systeem te kunnen stappen, om het systeem kritisch te kunnen beoordelen. Eerst zullen we de dominante paradigma's kritisch analyseren om te herkennen hoe die ons wetenschappelijk blind hebben gemaakt en de gevange van het systeem. Pas dan kunnen we beginnen om out-of-the-box te leren denken over vernieuwing en innovatie, en daar een adequate betekenis aan te geven. We zullen echter eerst ons lineaire denken en handelen moeten afleren om zo'n nieuw begin te kunnen maken.
Het betekent ook een afleren van het gebruik van dominante metaforen als constructie voor het leren en innoveren. We kunnen Darwin als inspiratie zien voor een evolutie- geinspireerde manier van denken en handelen. Innovatie is dan zowel het proces als het resultaat van ontwikkeling, waarbij beiden zich blijven ontwikkelen, als een potentieel niet-lineair proces met potentieel niet-lineaire effecten. Deze complexiteit is de sleutel van leren/innovatie.
Innoveren en concurrentiekracht....
Innoveren eens, alleen concurrentiekracht dient te worden herzien. De Amerikanen zijn door hun houding van "competitiveness" er aan ten onder gegaan op weg naar hun ideaal om suprieur in de wereld te worden. Nederland kan hier van leren om nu juist geen grenzen te hanteren en open naar de wereld te keren. Via concurrentie zet je jezelf ergens tegen af. We dienen ons nergens tegen af te zetten. We zitten in een tijdperk dat samenwerken en verbinden juist hard nodig zijn. We praten over Europa één en over Globalisatie...dan lijkt het erop dat concurrentiestrategieën herzien zouden kunnen worden naar Eenheidsstrategieën waar we juist nieuwe samenwerkende (sociale)competenties ontwikkelen om via co-creatie levensvatbare innovaties te stimuleren. Innovatie ten behoeven van de mensheid en onze aarde.
Unity ipv concurrentie raad ik aan!
Misschien wel de ernstigste structurele tekortkoming van onze economie is dat we onze grootste cognitieve talenten van jongs af in de kou laten staan. Kinderen met een IQ van 130 of hoger, die het in zich hebben de dragers van onze kenniseconomie te worden, krijgen structureel niet de aandacht die ze verdienen en al helemaal niet het onderwijs dat ze nodig hebben. Bij gebrek aan uitdaging slapen jaarlijks honderden heldere geesten al tijdens de eerste weken van hun schoolcarrière in, om pas weer wakker te worden wanneer ze halverwege het VO of zelfs pas op de universiteit bemerken dat ze ergens iets hebben gemist. Door het veel te lage niveau van onderwijs leren deze kinderen niet nadenken. Ze leren niet hoe ze zich moeilijker onderwerpen eigen kunnen maken. Ze leren niet leren.
Wat ze wel leren op school, is dat het sociaal niet wenselijk is slimmer te zijn dan anderen. En dat het niet loont om ergens je best voor te doen. Zowel leeftijdsgenootjes als leerkrachten rekenen onverbiddelijk af met kinderen die cognitief ver boven het maaiveld uitsteken. Kinderen die op driejarige leeftijd al kunnen lezen en met vijf jaar thuis al de dikste boeken verslinden, moeten in groep 3 gewoon met de klas meedoen en AVI-I boekjes lezen. In deze boekjes vind je niets over zwarte gaten of elektriciteitscentrales. Veel verder dan 'Roos is boos' gaat het niet.
Op deze manier wordt er een onderwijsklimaat geschapen waarin slim zijn wordt afgestraft. Het is dan ook niet verwonderlijk dat van alle hoogbegaafde kinderen - topwetenschappers in de dop, die er volgens velen 'toch wel komen' - slechts 16% uiteindelijk een universitaire studie afrondt. Wat er op deze manier aan economisch potentieel verloren gaat, is onvoorstelbaar. En onverteerbaar.
De allereerste maatregel die de regering zou moeten treffen, is een onderwijsklimaat scheppen waarin uitblinken juist wordt aangemoedigd. Het Leonardo-onderwijs, dat zich de laatste jaren als een olievlek uitspreidt en dat werkelijk passend onderwijs voor hoogbegaafde kinderen biedt, zou in elke gemeente in Nederland voor alle inkomensgroepen beschikbaar gesteld moeten worden. Schoolbesturen zien er bijna zonder uitzondering het nut van in maar weigeren veelal in Leonardo-onderwijs te investeren, omdat de doelgroep te klein is. In plaats daarvan steekt men subsidiegelden, bedoeld voor onderwijs aan excellente leerlingen, in projecten voor een grotere groep: de meerbegaafde leerlingen. Er worden plusklassen opgezet, waarin de leerlingen eens per week of zelfs eens per twee weken de vette worst van uitdagend onderwijs wordt voorgehouden. De rest van de week mogen ze verder slapen. Dat is geen passend onderwijs. Dat is sadisme.
Er is niemand in Nederland die erover zal peinzen een doorsnee kind met een gemiddeld IQ dag in dag uit, jaar in jaar uit naar een zwakzinnigeninstituut te sturen. Het verschil in intelligentie - zo'n 30 IQ-punten - zou dat kind psychisch ernstig schaden en zijn kansen op een bevredigend bestaan in de knop breken. Kinderen met een IQ van 130, 140 of nog hoger moeten zich echter wél dag in dag uit, jaar in jaar uit aanpassen aan een niveau dat 30, 40 of nog meer IQ-punten lager ligt. Wil je zo'n kind toch passend onderwijs bieden te midden van leeftijdsgenootjes die cognitief op hetzelfde niveau zitten, dan schieten her en der de waarschuwende vingertjes de lucht in en heeft men de mond vol van 'elitarisme'. Uitblinken mag alleen bij de schaakvereniging. Hooguit.
In uw Green Paper lees ik over het aantrekken van internationale bedrijven en wetenschappers. Dit zou zo'n 125 miljoen euro per jaar moeten kosten. Waarom boren we ons eigen intellectuele potentieel niet aan? Investeer een zelfde bedrag in een landelijk dekkend netwerk van fulltime uitdagend onderwijs voor kinderen met excellent cognitief talent. Laat alle leerkrachten verplicht bijscholen in het herkennen van hoogbegaafdheid. Ook bij allochtone leerlingen, want - taalachterstand of niet - daar schieten de meeste leerkrachten toch ernstig tekort. Investeer in het ontplooien van deze talentjes, zodat ze niet voor de maatschappij verloren gaan. Financier hun schoolcarrière, wanneer de ouders dat zelf niet kunnen. Stel prijzen in voor uitmuntende schoolprestaties en zorg dat deze ruime aandacht krijgen in de media. Maak van slimme leerlingen de nieuwe helden, zodat andere leerlingen zich aan hen kunnen optrekken.
In onze huidige samenleving is hoogbegaafdheid een zware handicap in plaats van een gave. Natuurlijk kunnen we wetenschappers uit het buitenland importeren. Maar waarom geen Einsteins van eigen bodem? Hoeveel internationale bedrijven zouden we niet aantrekken, wanneer Nederland internationaal bekend raakte om de hoge kwaliteit van onderwijs en de uitmuntende wetenschappers die ons onderwijssysteem voortbrengt? Investeren in kennis begint bij de basis.